< Back to the blog

Dividenden van buitenlandse oorsprong - dubbele belasting - terugbetaling van roerende voorheffing

  • 24/01/2021
  • Sandra Louiset & Pierre Gonne

Match Belastingplichtige / Fiscus “2 - 0” en einde van de match!!!

 

Dividenden van Franse oorsprong worden nu minder zwaar belast dan dividenden van Belgische oorsprong.

U zult zich herinneren dat wij u enkele weken geleden informeerden dat het Hof van Cassatie op 15 oktober 2020 een beroep, ingesteld door de Belgische belastingdienst die de toepassing van de forfaitaire buitenlandse belastingkorting ("FBB") op dividenden van buitenlandse oorsprong ontvangen door een Belgische inwoner wilde uitsluiten, had verworpen. 

Wij hebben daarbij uw aandacht getrokken op het feit dat deze vraag niet enkel betrekking had op dividenden uit Frankrijk, maar dat zij ook van toepassing was op dividenden uit andere landen, zoals Italië, Tunesië, Israël, om er maar een paar te noemen!

Wij hebben de lezers, die zich in de beschreven gevallen bevonden, tevens geïnformeerd, dat zij een vordering kunnen indienen om de terugbetaling te verkrijgen van het teveel aan roerende voorheffing die ten onrechte door de Schatkist geïnd werd, in het geval dat de in de overeenkomst tot het vermijden van dubbele belasting (hierna de “OVDB”) voorziene FBB door de Belgische belastingdienst zou geweigerd worden.

Sindsdien zijn twee nieuwe elementen ontstaan.

Ten eerste, een arrest van 15 december 2020 van het Gentse Hof van Beroep, dat de verplichtingen van de Belgische belastingdienst verduidelijkt inzake terugbetaling van roerende voorheffing wanneer een belastingplichtige een verzoek heeft ingediend om van de Belgische fiscus teruggaaf te verkrijgen van de teveel betaalde roerende voorheffing.

Vervolgens verklaarde de Minister van Financiën, de heer Vincent Van Peteghem, op woensdag 20 januari in de krant L’Echo, dat de fiscale administratie voortaan zou instemmen met de toepassing van de FBB op dividenden van Franse oorsprong, zoals ons Hof van Cassatie had beslist in een arrest van 15 oktober 2020. 

Korte samenvatting van de feiten
Wanneer een Belgische ingezetene (natuurlijke persoon) dividenden van Franse oorsprong ontvangt, zijn deze ten eerste onderworpen aan een bronheffing (in dit geval 15%) en vervolgens aan de Belgische roerende voorheffing (30%). Om de belastingdruk die uit deze dubbele belasting voortvloeit, te verlichten, voorzien sommige OVDBs, waaronder deze gesloten met Frankrijk, in een correctiemechanisme, met name: de aftrek van een “forfaitaire buitenlandse belastingkorting” (FBB). Op basis van dit mechanisme is zo, niet alleen in de huidige tussen Frankrijk en België ondertekende OVDB, maar ook in andere door België ondertekende OVDBs, voorzien dat België op zijn heffing een bedrag in mindering moet brengen dat niet minder dan 15% van de netto-ontvangsten aan de grens mag bedragen.1

Concreet beduidt dit voor dividenden van Franse oorsprong schematisch het volgende:

Bruto dividenden betaald door het Franse bedrijf (voorbeeld)

   10.000 €
Inhouding bij de bron in Frankrijk (15% 2) - toepassing van de OVDB  - 1.500 €
Netto dividenden aan de grens van België    8.500 €
Belgische roerende voorheffing: 
   - Belgische roerende voorheffing (8.500 € * 30 %) = 2.550 € 
   - Toepassing FBB (8.500 € * 15%) = 1.275 € 
   - Te betalen roerende voorheffing (2.550 € - 1.275 €) =   - 1.275 €
Netto dividenden belastingplichtige    7.225 €

 

(1) Art. 19.A.1, tweede alinea van de OVDB Frankrijk – België – Voor de dividenden « …die in Frankrijk de inhouding bij de bron werkelijk hebben ondergaan, wordt de belasting in België verschuldigd op hun bedrag netto van Franse inhouding, verminderd, eensdeels, met de tegen het gewone tarief geïnde roerende voorheffing en, anderdeels, met het forfaitair gedeelte van buitenlandse belasting dat onder de door de Belgische wetgeving vastgestelde voorwaarden aftrekbaar is, zonder dat bedoeld gedeelte minder dan 15 pct. van het evenvermelde nettobedrag mag belopen ».

Met andere woorden, dit betekent dat de bronheffing op dividenden van Franse oorsprong wordt verlaagd van 30% naar 15%! Om duidelijk te zijn: dividenden van Franse oorsprong zijn minder belast dan dividenden van Belgische oorsprong.

Bezwaren en standpunt van de Belgische belastingdienst?

Zoals wij in onze vorige mededeling uiteenzetten, heeft de belastingdienst deze situatie nooit aanvaard. De fiscus heeft eerst geprobeerd de toepassing van de FBB op dividenden uit Franse bron te betwisten. Dit werd vervolgens verworpen door ons Hof van Cassatie op 15 oktober 2020, dat dit standpunt veroordeelde.

De belastingadministratie heeft daarna met alle middelen geprobeerd geen gevolg te geven aan dit mechanisme, noch aan de verzoeken van 3 belastingplichtigen om terugbetaling van het teveel aan ingehouden roerende voorheffing dat is betaald door financiële instellingen die de genoemde dividenden voor rekening van hun cliënten innen. 

Onder de aangekaarte argumenten, eenvoudig gezegd, zei de administratie onder andere eerst, dat het FBB-mechanisme in 1988 uit de inkomstenbelastingwet was geschrapt. Zij kon dus geen terugbetalingen uitvoeren op basis van een reglementering die niet meer bestond!

Ten slotte, op basis van de rechtspraak van het Hof van Cassatie, stelt de fiscus dat wanneer een belastingplichtige zijn buitenlandse (in dit geval Franse) dividenden niet in zijn belastingaangifte had vermeld en had gekozen voor het mechanisme van de bevrijdende roerende voorheffing, dit een onomkeerbare keuze was en dat het dus niet meer mogelijk was op deze keuze terug te komen, zelfs niet door achteraf een belastingaangifte in te dienen!

Akte 1 - Het arrest van het Hof van Beroep van Gent van 15 december 2020!

Een arrest van het Gentse Hof van Beroep heeft zopas de argumenten van de Belgische fiscale administratie van tafel geveegd, in bewoordingen die niet duidelijker konden zijn! 

Het Hof van Beroep verduidelijkt, om te beginnen, dat het niet inziet waarom de terugbetaling van een te veel betaalde roerende voorheffing niet mogelijk zou zijn wanneer de belastingplichtige heeft geopteerd voor de bevrijdende roerende voorheffing zonder deze dividenden in zijn belastingaangifte te vermelden, zoals de wet hem toestaat. 

Vervolgens stelt het Hof van Beroep vast (zie ook onze vorige mededeling), dat het conventionele recht - dit wil zeggen het recht dat voortvloeit uit de door de Belgische Staat ondertekende internationale verdragen - voorrang heeft op het interne recht, ook al zou ditzelfde nationale recht bepalingen bevatten die tegenstrijdig kunnen zijn met de bepalingen van die verdragen, of zelfs, a fortiori, niet in die bepalingen voorzien. 

Het Hof van Beroep concludeert dat men niet anders kan doen dan vaststellen dat in het onderhavige geval wel degelijk een te hoge roerende voorheffing is ingehouden en ten onrechte door de Belgische Schatkist is geïnd, hetgeen volledig in strijd is met de bepalingen van de tussen België en Frankrijk ondertekende OVDB. Het Gentse Hof van Beroep gaat er dan ook van uit dat de fiscus de OVDB verkeerd toepast en dat de belastingplichtige bijgevolg volkomen gerechtigd is om de terugbetaling van de door de Belgische Staat te veel geïnde roerende voorheffing te vragen.

Akte 2 - De Minister van Financiën aanvaardt (eindelijk) de rechterlijke beslissingen  Einde van de match!

Op woensdag 21 januari heeft de Minister van Financiën, de heer Vincent Van Peteghem, in de krant “L’Echo” verklaard, dat de belastingadministratie zich voortaan zou schikken naar de recente rechtspraak van het Hof van Cassatie in het kader van de zogenaamde “Franse dividenden” kwestie!

Wat betekent dit concreet en praktisch gezien?

Allereerst, een eerste eenvoudige vaststelling: dividenden van Franse oorsprong worden voortaan voor natuurlijke personen minder belast dan dividenden van Belgische oorsprong  Het is echter zeer waarschijnlijk dat de nieuwe OVDB tussen Frankrijk en België, die nog niet van toepassing is, de situatie in de toekomst zal rechtzetten!

Vervolgens, en meer dan ooit, is het niet te laat om na te gaan of u niet teveel roerende voorheffing betaald heeft op uw dividenden van Franse oorsprong, en tegelijkertijd na te gaan of u de situatie niet moet rechtzetten door een bezwaar in te dienen. Met deze laatste verklaring van de Minister van Financiën zouden de bezwaren en verzoeken tot automatische aftrek door de administratie positief moeten opgevangen worden en aanleiding moeten geven tot terugbetalingen voor de betrokken belastingbetalers. Wat de Franse dividenden betreft die in 2020 geïnd werden, zou de FBB rechtstreeks in de belastingaangifte voor 2021 moeten kunnen aangevraagd worden. 

Tenslotte een laatste punt: in onze vorige mededeling trokken wij uw aandacht op het feit dat het FBB-mechanisme ook aanwezig is in andere overeenkomsten tot het vermijden van dubbele belasting. Het zou dan ook nuttig zijn, indien u ook andere buitenlandse inkomsten uit roerende goederen heeft, na te gaan of u ook voor deze buitenlandse inkomsten van dit mechanisme kunt profiteren. De teams van Fiducial beschikken over de nodige expertise om u op dit gebied het beste advies en de beste bijstand te verlenen.

(2)Merk wel dat deze bronbelasting in Frankrijk nog kan verlaagd worden tot 12,8% indien de belastingplichtige terugkomt en voldoet aan de voorwaarden voorzien in bepaalde door de belastingdienst uitgegeven formulieren. Indien u dit nog niet hebt gedaan, kunt u dit jaar nog een verzoek indienen in Frankrijk met betrekking tot de aan de bron ingehouden bedragen voor de inkomsten van 2018 tot 2020 inbegrepen!

(3) Ter herinnering, de belastingplichtige beschikt, in principe, over 5 jaar om zijn bezwaar in te dienen tegen het “te veel” geïnd door de Belgische belastingdienst!

Deel dit artikel

Aanbevolen artikels

Ondernemings (- en btw-) nummers beginnend met 1 op komst - pas uw systemen aan

  • 06/09/2022
  • Sven Reynders - FIDUCIAL Accountancy

Welcome Sven Reynders !

  • 17/10/2022

FIDUCIAL BeLux is hiring!

  • 15/12/2022