< Back to the blog

Mobiliteitsbudget vs Mobiliteitsvergoeding

  • 16/04/2019
  • Cédric Vanopdenbosch - Accountant en Belastingconsulent - Fiducial Accountancy

Essentiële elementen

  • Beide regelingen zijn van toepassing op werknemers met een arbeidsovereenkomst.
  • De werkgever heeft de keuze deze initiatieven voor te stellen en de werknemer heeft de mogelijkheid ervan af te zien of alternatieven te kiezen die hem beter liggen.
  • De mobiliteitsvergoeding wordt enkel toegekend aan personen die een bedrijfswagen hebben of hadden (hangt af van de duur), terwijl het mobiliteitsbudget ook van toepassing is op werknemers die in aanmerking zouden komen voor een bedrijfswagen, afhankelijk van het bedrijfswagenbeleid binnen de onderneming.

De mobiliteitsvergoeding (cash for car)

De mobiliteitsvergoeding geeft de werknemers de mogelijkheid, hun bedrijfswagen in te ruilen tegen een “mobiliteitsbudget” dat fiscaal anders zal behandeld worden.

Berekening:

  • de vergoeding stemt overeen met 20 % van 6/7de van de cataloguswaarde van de wagen. De cataloguswaarde is deze die gebruikt wordt voor de berekening van het voordeel alle aard, met het verschil dat deze waarde hier jaarlijks zal geïndexeerd worden.
  • Indien de werknemer over meerdere bedrijfswagens beschikt heeft gedurende de laatste 12 maanden, moet de berekening gemaakt worden op de wagen die hij het langst gebruikt heeft gedurende deze periode.
  • Het percentage wordt 24 % indien de werknemer ook zijn tankkaart ingeeft.

Fiscale behandeling:

  • Er zijn geen Sz-bijdragen, noch voor de werknemer, noch voor de werkgever.
  • De mobiliteitsvergoeding wordt belast met 4 % op 6/7de van de cataloguswaarde van de wagen die de werknemer inlevert. Het verschil tussen het bedrag van de vergoeding en het resultaat van deze berekening, is vrijgesteld.
  • Net zoals voor het voordeel van alle aard, is het minimum bedrag 1.340 € (geïndexeerd bedrag voor 2020). De werknemer kan ook de vrijstelling van 410 € (geïndexeerd bedrag voor 2020) voor het woon-werkverkeer toepassen.
  • De mobiliteitsvergoeding is 75 % aftrekbaar voor de werkgever. Er is wel een overgangsregeling voorzien waarbij de werkgever meer kan aftrekken indien het percentage van de aftrekking van de ingeleverde wagen hoger ligt. Dit percentage wordt in elk geval beperkt op 95 % en het vermindert met 10 % elk jaar tot het 75 % bereikt.
  • Net zoals met de voordelen alle aard m.b.t. het gebruik van een bedrijfswagen, moeten 17 % van het bedrag van het voordeel alle aard (of 40 % indien de werknemer een tankkaart had) in de verworpen uitgaven opgenomen worden.

Het mobiliteitsbudget

Met het mobiliteitsbudget kan men voor “duurzame” alternatieven kiezen, die in 3 “pijler”-categoriëen ingedeeld worden, elk met een specifieke fiscale behandeling:

  1. Een milieuvriendelijke bedrijfswagen: de huidige sociale en fiscale behandeling van gewone bedrijfswagens blijft gelden;
  2. Alternatieve en duurzame vervoermiddelen (openbaar vervoer, fiets, deelwagen, enz., maar ook bepaalde kosten mbt het huis van een werknemer die dicht bij de plaats van zijn tewerkstelling woont): volledig onbelast voor de werknemer en volledig aftrekbaar voor de werkgever.
  3. De derde pijler is de betaling aan de werknemer van het saldo van het mobiliteitsbudget dat hij niet besteed heeft voor de financiering van de eerste 2 pijlers. Evenwel, om de werknemers sterk aan te moedigen om voor de tweede pijler te kiezen, wordt deze derde keuze sociaal behandeld met een speciale bijdrage van 38,07 %.

 

Heeft u vragen hierover, neem dan zeker contact met één van onze specialisten via e-mail aan contact.accountancy.be@fiducial.net.

Share this article

Highlighted articles

Mobiliteitsbudget vs Mobiliteitsvergoeding

  • 16/04/2019
  • Cédric Vanopdenbosch - Accountant en Belastingconsulent - Fiducial Accountancy

Nieuw vennootschapsrecht

  • 24/04/2019
  • Peter Meissner - Fiducial Tax & Legal Consulting

Voordelen voor werknemers

  • 20/03/2019
  • Lucas Yuksel - Belastingconsulent - Fiducial Accountancy